©  PCF Holland 2005 - 2011

(0320) 25 21 26

 

VACATURE

Bestrijdings

Technicus

Contact

Vacature bestrijdings technicus
Contact
PERSBERICHT november 2010
Is het buiten kouder? Dan kan het binnen nog weleens druk worden
Dat bepaalde zoogdieren jaarlijks genieten van een welverdiende winterslaap, is natuurlijk bekend. Maar dat ook vliegen bij dalende temperaturen een warme
droge plek opzoeken om te overwinteren, is voor velen van ons nieuw. De klustervlieg dankt zijn naam aan het feit dat hij samen met een groot aantal soortgenoten in het najaar een gebouw of woning opzoekt. Zijn deze vliegen in hun eentje relatief onschadelijk, wanneer het om honderden exemplaren tegelijkertijd gaat, is wel degelijk sprake van overlast. En dan wordt het tijd
om professionele hulp in te schakelen.

Naast de klustervlieg, hebben ook de grasvlieg en de herfstvlieg de gewoonte om massaal in gebouwen te overwinteren. Deze drie vliegensoorten vertonen bepaalde overeenkomsten met de ‘gewone’ kamervlieg, maar verschillen vooral qua uiterlijk
en lengte. De klustervlieg lijkt op een sterk uitgegroeide kamervlieg met goudkleurige haren op de borst. Met een lengte van ongeveer 8 millimeter is de klustervlieg relatief groot. De herfstvlieg (6 tot 7 mm) en met name de grasvlieg (3 mm) zijn kleiner. De vliegen verschillen onderling in leefwijze, maar ontwikkelen zich wel allemaal buiten, bijvoorbeeld in weilanden, graslanden, e.d. Hun aantallen worden vooral bepaald door klimatologische omstandigheden. Hoe warmer en droger de zomer, hoe groter de aantallen. Volwassen vrouwtjes leggen eitjes op vochtige grond, bijvoorbeeld onder rottende bladeren. Na ongeveer een week komen de larven uit en gaan ze actief op zoek naar regenwormen, waaraan ze zich vasthouden. De made ontwikkelt zich vervolgens in het lichaam van de regenworm. Is de regenworm dood of bijna dood, dan boort de made zich een
weg naar buiten en verpopt zich in de grond. De volwassen clustervlieg voedt zich met nectar van bloemen.

Grote aantallen
Tijdens de zomer en het begin van de herfst veroorzaken clustervliegen zelden overlast. Zodra het buiten kouder wordt, zoeken ze beschutting in hoeken en gaten in huizen en andere gebouwen. Naarmate de temperatuur nog verder daalt, zoeken ze meer bescherming en vormen vaak enorme clusters van duizenden vliegen. Om tot nu toe onduidelijke redenen is het zelfs zo, dat deze vliegen bij herhaling in dezelfde gebouwen voorkomen. Vooral hooggelegen panden hebben de voorkeur. De vliegen zijn relatief onschuldig, zeker wanneer ze in beperkte aantallen voorkomen. Pas wanneer ze in grote aantallen in gebouwen voorkomen, is werkelijk sprake van overlast. Op warme dagen in de winter en het voorjaar komen ze met tien- tot honderdtallen te voorschijn, vooral voor de ramen omdat ze op het licht afkomen. De overlast kan op deze manier lang duren. Zeker wanneer er niet tijdig en adequaat wordt ingegrepen met weringmaatregelen of bestrijding, kan een ware plaag ontstaan.




ALLEMAAL BEESTJES: OVERWINTERENDE VLIEGEN

Download het originele NVPB persbericht hier:

Allemaal beestjes - overwinterende vliegen.pdf

Klustervlieg Foto: NVPB